In de Groene Kathedraal

Groningennac
Daar zitten we dan. Op stoel 5 en 6 op rij 1 in blok B6 in de Euroborg, het stadion van FC Groningen. Ook wel de ‘Groene Kathedraal’ genoemd. In zo’n pand moet je mogen wezen als geregeld kerkganger. Wie weet welke zegeningen er nog zullen neerdalen.

Het zijn beste plaatsen. Vlak op het veld. Achter de stoelen van FC-trainer Ron Jans en zijn assistenten. De plek doet denken aan het langs de lijn staan van vroeger bij amateurwedstrijden. Zo’n Euroborg heeft duidelijk meer dimensies dan het amateurveld. Twee ringen tribunes met ruim 21.000 supporters bevinden zich rond de groene grasmat. Waarbij het meeste lawaai uit het blok van de Z-Side komt. De enthousiastelingen gaan door voor de meest fervente en geluidssterke FC-supporters. Er wordt van alles gescandeerd.

Veel reden tot vreugde is er deze zondagmiddag niet. De FC is wel veel aan de bal, maar voetbalt toch vooral tegen zichzelf. NAC is een goede ploeg met snelle jongens als Lurling, Reuser en Kollka. En dan ook nog een paar geroutineerde middenvelders en verdedigers. Die waren gewoon een maatje te groot voor FC Groningen. Dat is ook alles wat je die zondagmiddag van kunt zeggen. Al dat gezeur over een spits die er niet is, is flauwekul. die hebben ze niet en daarom moeten ze het doen met wat ze hebben. Het wordt een moeilijk seizoen voor de FC.

Wat een entourage overigens. Professioneel voetbal is veel meer dan tegen een balletje trappen. Voetbal is hooguit aardige achtergrondmuziek bij zakelijke gesprekken. Want in de skyboxen en ereterrassen van het bedrijfsleven gebeurt het. Daar wordt de echte wedstrijd gespeeld. Daar wordt de economie van Noord-Nederland weer uit het slop getrokken. Dat de 11 van de FC daarbij dan ook nog eens winnen is mooi meegenomen.

Jansgroningen
Het was ondanks alles een leuke middag in de Euroborg. Zo vlak achter Ron Jans, die je steeds wanhopiger zag worden. Zo’n trainer maakt wat mee. Voetbal is niet alleen het spel, maar ook vooral psychologie. Durf, onzekerheid, angst, het zijn de bepalende elementen. De FC had het eerste gisteren wel. Gaandeweg de wedstrijd kwamen daar de andere twee voor in de plaats. Iets om aan te werken Ron. Komt wel goed. Ik geloof er in. Het zal gebeuren in de Groene Kathedraal.

16 August 2009
By on 21:27
“Mag jij op zondag wel naar het voetballen?”

Er was eerder deze week enige onrust op de redactie. Het had met mij te maken. Wat was er namelijk gebeurd? Ons bedrijf verloot van tijd tot tijd kaarten voor een thuiswedstrijd van FC Groningen. Deze keer voor die van a.s. zondag: FC Groningen-NAC.

De verloting verloopt via ons interne intranet. Een mailtje met naam, functie en afdeling is voldoende om mee te doen. Ik dacht, laat ik maar eens een gokje wagen. Tenslotte was ik nog nooit in de Euroborg en Groningen-NAC moet wel een leuke wedstrijd kunnen worden.

Mailtje verstuurd en wie schetst mijn verbazing: ik die nooit iets win, behoor tot de uitverkorenen die a.s. zondagmiddag op de tribunes van het Groninger voetbalpaleis mogen plaats nemen.

Dsc01153
Maar ho even, dachten, na het bekend worden van dit nieuws, meerdere collega’s, kan dat eigenlijk wel? Onze lezersredacteur bezondigt zich op de zondag toch niet aan werelds vermaak als een voetbalwedstrijd? De collega’s weten van mijn religieuze achtergrond en meenden dat mijn belangrijkste gang op zondag die richting kerk is en soms zelfs de kansel. En heeft hij eigenlijk wel iets met het voetballen?

Vanuit alle hoeken van de redactie kwamen verbaasde en ongeruste geluiden. Sommige echt verbaasd, maar andere ook met een ondertoon van: geef mij die kaartjes maar. Een collega probeerde het zelfs met de indringende vraag: “Mag jij eigenlijk wel op zondag naar het voetballen?”

Ik kan de collega’s geruststellen: Ik hang een geloofsrichting aan die er van houdt op zondag de Heer te danken, te loven en te prijzen, maar de dag toch ook vooral te gebruiken om te genieten. Ook van het voetballen. Want de zondag is er voor de mens. En niet omgekeerd.

En wat het voetballen betreft? Ik ben geboren in Winschoten en maakte in de jaren zestig de roemruchte verrichtingen van WVV in de hoogste afdeling van het Nederlandse amateurvoetbal mee. Ik zag Klaas Nuninga, Jan Mulder, Sietse Veen, Arie Haan aan de Kastanjelaan in de molenstad spelen. Moet ik nog verder gaan? Zelfs speelde ik enige seizoenen in oranje. De clubkleur van de v.v. Westerlee.

Met veel verwachting zal ik zondagmiddag plaatsnemen op de mij toegewezen stoel. En hopelijk wint de FC.

14 August 2009
By on 06:35
Hij gelooft dus wel in God

Een dominee die niet in het bestaan van God gelooft.
Dat was twee jaar geleden wereldnieuws.
Wat dat hoor je niet elke dag.
Hij schreef er een boek over.
Ondertitel: Manifest van een atheistische dominee.

Dat was natuurlijk koren op de molen van orthodox-protestants Nederland.
Dat was een soort sloopkogel die tegen de muren van hun geloofshuis aan beukte.
Om te voorkomen dat het zou instorten gingen ze in de tegenaanval.
De betreffende dominee, Klaas Hendrikse, werd vanuit de kerktoren en door de hoge kerkramen heen beschuldigd.
Hij moest maar ontslagen worden.
Er werd vooral vanaf een afstand geroepen.
Vanuit de eigen veilige omgeving.

Gelukkig is de kerk van Hendrikse een democratische kerk.
Er is geen paus die zegt: wegwezen.
Een kerkelijke vergadering moet een gesprek met hem voeren.
Om er achter te komen wat hij nu eigenlijk bedoeld en of zijn uitspraken kerkelijk wel door de beugel kunnen.

Tot zo’n intieme geloofsontmoeting is het nog niet gekomen.
En dat is jammer.
Want mensen die naar de kerk gaan, zeggen toch altijd dat ze ‘samen kerk’ zijn?
Waarom dan niet het gesprek met Hendrikse aangaan?

Of is er angst dat het geloofsgebouw dan instort?
Dat gebeurt toch al wel, want elk jaar verliest de Protestantse Kerk 60.000 leden en praktisch elke week gaat er wel ergens een kerkgebouw dicht.

Waarom dit verhaal?
Allereerst omdat ik ook bij de kerk van Hendrikse hoor.
En omdat ik van de week een interview met Hendrikse heb geplaatst op ‘mijn’ pagina in de krant.
En ik nog weer eens een keer ontdekte dat hij heel belangwekkende dingen zegt voor mensen die op zoek zijn.

En dat hij wel degelijk in God gelooft.
Maar niet in een God die je kunt aanraken. Of die ergens hoog in de hemel zit.
God is veel groter dan wij ons kunnen voorstellen.
Dus we moesten ook maar wat meer reserves tonen bij dingen die wij als mensen over God op hebben geschreven in de loop van de eeuwen.

God ‘gebeurt’ als mensen elkaar ontmoeten en het over meer dan over koetjes en kalfjes willen hebben.
Of God ‘gebeurt’ in bijzondere ontmoetingen. Zomaar.

Dat zijn toch wel interessante gedachten.
Die de moeite waard zijn om eens met elkaar te bespreken.
Dat kunnen best wel vruchtbare gesprekken worden.
Misschien dat het verhaal in de krant mensen wel aan het denken zet.
Of misschien na het lezen van dit stukje.

12 August 2009
By on 07:24
Het groen, de vijver en Peter

De tuin en het bos achter mijn huis worden groener en groener.
Prachtig vind ik dat.
De vaste planten rijzen op uit de grond en vormen een prachtig aflopend decor.

Tot mijn verrassing ontstaan er in al dat groen ook nog bloemen.
U ziet: ik ben niet zo’n tuinman.
Mijn vrouw wist alles van de tuin.
Waar welke plant stond.
Hoe groen, bloeiend en hoog die zou worden.
In voor- en najaar was het mijn taak om in haar opdracht onooglijke stronken op te graven en van de ene naar de andere plek te sjouwen.
Opdat er weer meer en andere bloei in de tuin zou komen.
En nu laat ik mij verrassen.

Ik heb ook een tuinhuisje temidden van al die prachtige groeikracht staan.
Daar zit ik vaak met mijn laptop.
Dwars door al die natuur (vergeet de inmiddels hoog oprijzende bomen van het bos niet) kom ik moeiteloos draadloos op het www.
En zo op het netwerk van de krant.
Terwijl de vogels hun ochtend- of avondconcert geven stel ik mijn rubrieken en pagina samen.
Begeleid door het klaterende watervalletje van mijn tuinvijver.
Die zet ik ‘s morgens aan en ‘s avonds uit.
Kan een mens meer geluk ervaren in deze tijd van het jaar?

Het is in het leven echter soms zonnig, maar ook wel eens wisselend tot zwaar bewolkt.
Wisselend bewolkt wordt het als ik naar mijn tuinvijver kijk.
Groen is ook het water.
Van de algen.
En dat terwijl ik het water driedubbel biologisch filter, alvorens ik het weer in de vijver laat stromen.
Een UV-lamp moet de algen en andere ongerijmdheden doden.
Vergeet het maar.
Groen dus.

Of het komt door het grote aanval vissen.
Twee joekels van goudwindes, een reuzenalgeneter, een inmiddels gepensioneerde zonnebaars (zo’n tien jaar geleden de eerste bewoner van de vijver) en talloze goudvissen.
Van klein tot groot.
Prachtig gezicht al die vissen.
Tenminste tot twee weken na een schoonmaakbeurt.
Daarna zie ik ze bijna niet meer.
Alleen bij het voeren duiken ze nog even op uit de groene hel.
Bang als ze zijn door een reiger te worden gespot.
Ondanks de bescherming van een net.

Ik denk na over de toekomst van de vijver.
Misschien toch maar mee ophouden?
Dat zijn van die vragen, die het af en toe wisselend bewolkt laten zijn.

En dan schreef de gelouterde columnist Peter Blom vandaag ook nog zijn laatste stukje voor de krant.
Dertig jaar pende hij zijn vruchten.
Nu rest slechts de Vut.
Ach wat jammer.
Dag Peter en dank, veel dank voor al die ontspannen kijkjes op ons bestaan.
Geniet maar van je tuin.
Met of onder vijver.

Tuin_voorjaar_2

De tuin in het voorjaar.

25 June 2009
By on 05:12
Zoekt en gij zult vinden

Zoekprogramma’s zijn populair.
‘Spoorloos’ trekt elke aflevering miljoenen televisiekijkers.
‘Hello Goodbye’, waarbij familieleden in de aankomsthal van Schiphol worden gevolgd in hun zoektocht naar arriverende geliefden of andere relaties, evenzo.

Bij de krant hebben we ook een ‘zoekprogramma’.
‘Ik zoek’ heet de rubriek.
Opgezet in twee delen: eentje voor dingen en eentje voor mensen.
Er kan om alles worden gevraagd.
Als het maar niet met een commercieel doel is.

Er wordt gezocht naar boeken,
naar ontbrekende delen van een oud servies,
naar kantklospatronen van molens.
Iemand heeft een oud, cilindervormig, aardewerken pot en weet niet wat het is.
Een foto wordt meegezonden.

Iemand stuurt een vergeelde en verfrommelde portretfoto van begin vorige eeuw.
Wie staat er op?

Soms horen we na het plaatsen niets.
We laten de zoeker de aanvraag zelf afhandelen.
Soms ontvangen we wel een reactie.
Van iemand, die zijn al lang overleden vader op de foto zag staan.
Van het bestaan van de foto wist hij niks.
Die had in een kastje gelegen.
Ergens op de zolder van een huis dat door iemand was gekocht.
Een onbekende foto.
Gevonden door de nieuwe bewoner.
Die stuurde de afbeelding naar ‘Ik zoek’.
En zo werd de legpuzzel van het leven weer wat overzichtelijker.

‘Ik zoek’ staat in de krant en is niet op televisie.
Misschien gebeurt dat nog wel een keer.
De krant begint immers binnenkort met ’1TV’.
Wie weet.

Ik_zoek_scan_2
Ondertussen gaan we door met de zoektocht vanuit de krantenkolommen.
Maandag aanstaande weer een volgend zoekplaatje op pagina 2.
Stuur verzoeken naar ikzoek@dvhn.nl. Vermeld naam, adres en woonplaats, alsmede telefoonnummer of e-mailadres.

2 June 2009
By on 19:31
Laat je niet gek maken

Ze zeggen dat we in een hectische tijd leven. Alles moet sneller, efficienter. De diepgang wordt minder. Alles gaat korter door de bocht. Misschien heeft het ook te maken met het feit dat je zelf ouder wordt. Het deed me denken aan lemmingen. Dat zijn kleine diertjes, die op een gegeven moment in hun leven en masse aan het rennen gaan en zich dan in een ravijn storten. Of aan de gedachte dat we als mensheid passagiers van een trein zijn, die voortraast de geschiedenis door. Iedereen weet dat de trein uiteindelijk in een ravijn zal storten. Niemand zal het overleven. Er is geen ontkomen aan. De deuren van de trein zijn hermetisch afgesloten. Remmen heeft de trein niet. Dus alles moet nog even snel. De hectiek van het leven kan je gek maken.

Daar dacht ik aan toen ik deze week als begeleider mee reisde met de jaarlijkse gepensioneerdenreis van de krant. Iedereen was aan boord van een mooie grote rondvaartboot. Die voer heel licht en statig door Friese wateren. Aan weerskanten van het schip heerste de vrede. Groene weiden, dan weer veengebieden. Vogels. Veel aalscholvers. Rust. Geen haast. Onverstoorbaar.

Aan boord mensen in de Vut of gepensioneerd. Ze maken de hectiek van onze tijd nog als een randverschijnsel mee. Ze hebben hun arbeidzame leven achter zich. Het tempo waarmee het schip vaart komt overeen met het tempo van hun leven.

Nee, ik ben nog niet in de Vut of gepensioneerd. Ik ben begeleider. Dat moest ik een aantal keren uitleggen. Het plaatste mij voor de vraag: zou je dit dan al wel willen? Nog niet, dacht ik meteen. Maar het rustige en vredige van die boottocht heeft toch wel wat. Je zou dat wat meer moeten integreren in het gewone leven.

De boot waarop wij voeren maakte ook een tijdje gebruik van een belangrijke waterweg voor het scheepvaartvrachtverkeer. Langs de kant ‘verkeersborden’. Opdat de schepen zo vlot mogelijk kunnen doorvaren. Want tijd is geld. Na een paar honderd meter bogen we af van deze snelweg en voeren we weer in water zonder verkeersborden. De aalscholvers waren ook terug. En andere water- en weidevogels.

Een middenweg zou het beste zijn. Laat je niet gek maken. Houd beide in het oog: die snelweg, maar ook het rustige, vredige tempo van die andere wereld. Goed idee, zei ik tegen mezelf.

Gepensioneerdenreis_n_9972f_2

14 May 2009
By on 20:32
Klooster Ihlow: meer dan een opgraving

Opgravingen. Je vindt ze overal. Iets dat lang geleden onder een laag aarde is verdwenen wordt weer tevoorschijn gehaald. De tijd staat even stil. Beelden van vroeger komen terug. Er worden opnamen van de vondsten gemaakt. Uiteindelijk verdwijnt alles weer onder de aarde. Totdat een volgende generatie er van hoort en ook in contact wil komen met deze geschiedenis. Opgravingen zijn een ontdekking. Ook van onze eigen plaats in de geschiedenis.

Ihlow_verbeelding
Opgegraven werd er ook in de jaren zeventig in het bos van Ihlow, een streekgemeente in Ostfriesland, Duitsland. Daar stond van 1228 tot 1529 een klooster. Dat stuk geschiedenis moest tastbaar worden gemaakt. De archeologen vonden inderdaad sporen. Afdrukken van de pilaren van de kloosterkerk. Restanten puin. De voorvaders hadden hun best gedaan alles zoveel mogelijk op te ruimen na de sloop van het klooster ‘Schola Dei’ van de Cistercienzers. Het waren monniken uit het Groningse Aduard, die indertijd de handen uit de mouwen staken om voor hun orde ook in Ihlow een klooster te bouwen.

‘Schola Dei’ (School van God) betekende veel voor de streek. Ontwikkeling van landbouw en veeteelt vond plaats. Er kwam een betere waterhuishouding. Cultuur en politiek kregen een impuls.

Dsc01030
De Reformatie maakt hieraan een einde. Het klooster werd gesloopt. Uiteindelijk waren er alleen nog bos en landerijen. De herinnering aan een begraven geschiedenis vervaagde. Tot in de jaren zeventig. Die opgravingen werden ook weer toegedekt, begraven. Maar er was bij sommigen in Ostfriesland toch iets ontdekt: de waas was weggetrokken en de wetenschap, het bewijs, van de rijke culturele en religieuze geschiedenis van die plaats, maakte het verlangen wakker om de geschiedenis niet alleen maar op te graven, maar ook van nieuw leven te voorzien.

Negen jaar geleden begonnen ze met de verwezenlijking van een visioen: een blijvende tastbare herinnering aan dat zo belangrijke klooster ‘Schola Dei’ van de Cistercienzers. Uiteindelijk kwam er geen kopie, geen herbouw van het oorspronkelijke klooster. Er verrees een ‘Imagination’, een verbeelding: de oude contouren van de kloosterkerk zijn met nieuwe materialen weer zichtbaar gemaakt. Een open geheel, bestaande uit een stalen boogconstructie, een dakruiter, gedeeltelijke reconstructie van de pijlers. Geen muren. Die zouden de verbeelding alleen maar belemmeren.

En er kwam een ruimte om op speurtocht te gaan in de geschiedenis. En een ruimte om stil te worden, te bidden, de bijbel te lezen.

Ihlow_verbeelding_en_journalist
Afgelopen zondag was de officiele in gebruikname van het klooster Ihlow in een nieuwe gedaante, in een nieuwe tijd. Een tijd van kredietcrisis en het uiteenvallen van sociale verbanden. In die tijd kreeg het visioen van de initiatiefnemers vorm. De schoonheid van de gotische bouw is in deze tijd nodig, zei de initiatiefnemer, tegen al het geestloos gepraat wat je hoort. De ‘Imagination’ is een open structuur. Want, zoals het oude woord van de Cistercienzers het al zei: ‘De poort is open, het hart nog veel meer’.

Een oeroude plaats van geloof is weer tot leven gekomen, sprak een kerkelijk leider. Een mens krijgt weer grond onder de voeten als hij zich openstelt voor de verbeelding, de ‘Imagination’. Dan word je gezegend. Dan ervaar je God in je leven.

Opgravingen zijn monumenten. Ze hebben met tijd te maken. Een monument heet in het Duits ‘Denkmal’. Een van de sprekers zei: ‘Denkmal. Denk mal. Denk eens na en blijf niet voortrennen’. Dan ervaar je, aldus een andere spreker, dat wij in een lange traditie staan. Een traditie, waarin God zich ‘abba’, vader, laat noemen. Een God voor wie je geen superster hoeft te zijn. Zij die in God geloven zingen andere liederen. Ze laten de toon van de liefde van God horen en geven die door. Het klooster Ihlow kan daarin in de nieuwe gedaante een rol spelen.

Ihlow_gezellig_samen
Met het Klooster Ihlow anno 2009 is iets moois opgegraven. De aarde ligt open, klaar om vrucht te ontvangen en vrucht te dragen. De stenen en andere bouwmaterialen (vele honderden tonnen staal) zijn slechts een deel van de ‘Imagination’. De verbeelding moet worden ingekleurd worden door mensen. Mensen die op speurtocht gaan naar hun eigen geloof. Misschien voor het eerst, misschien als een weg van vernieuwing. Ora et labora: bidden en werken. Zoals de monniken toen ook deden. Door op weg te gaan komt de opgraving van Ihlow tot leven. Tot eer van God en ten dienste van de naaste.

12 May 2009
By on 22:31
Donner weerstond eis Balkenende

Minister Piet Hein Donner van Sociale Zaken staat bekend als een recht-door-zee en eigenzinnig politicus. Dat hij aan het begin van zijn ministerschap in een van de kabinetten-Balkenende een eis van zijn partijgenoot en minister-president Jan Peter Balkenende weerstond, was nog niet bekend. Donner onthulde dat tijdens een live aflevering van de tv-talkshow Knevel en Van den Brink op de eerste beurs ‘Kerk en gemeente’, zaterdag 21 maart in de Jaarbeurs in Utrecht.

Balkenende eiste van Donner dat hij het ouderlingschap en het voorzitterschap van de kerkenraad van de gereformeerde kerk in Den Haag neerlegde omdat hij minister was geworden. Bewindspersonen mogen geen nevenfuncties hebben. Donner weigerde. Hij zei er zaterdag over: “De Staat heeft zich niet met de kerk te bemoeien.” En dus zei Donner tegen de minister-president: “Ik doe het niet”. Balkenende legde zich er bij neer. Overigens bedankte Donner kort daarna zelf wel voor beide genoemde kerkelijke functies. “Dat was mijn eigen keuze en die laat ik me niet door iemand anders opleggen”. stelde de politicus in een gesprek over de relatie van de kerk met de politiek.

Donner benadrukte de rol van de kerken in de samenleving: “Ze hebben een belangrijke functie. De Staat heeft de rol van de kerken in de samenleving niet overgenomen. De Staat handelt zonder aanziens des persoons. De kerk doet dat met aanziens des persoon.” De minister benadrukte dat niet de rol van de kerken belangrijk is, maar de rol die kerkleden in de samenleving willen spelen. In die zin dienen kerken zich af te vragen hoe zij een dragende kracht kunnen zijn. Juist in deze tijd op het gebied van het diaconaat. “Geen woorden maar daden.”

De talkshow, waaraan ook deelnamen kolonel Ine Voorham van het Leger des Heils, Tweede Kamerlid Ed Anker (ChristenUnie) en Roel Kuiper (Eerste Kamerlid ChristenUnie) maakte deel uit van het omlijstende programma van de eerste beurs ‘Kerk en Gemeente’, georganiseerd door de bureaus van Marco van der Wetering en Ben de Wild. KRO’s Leo Feijen deed een aantal interviews in de setting van zijn tv-programma ‘Kruispunt’. Er waren daarnaast een aantal workshops, onder meer over de communicatie in de kerk.

Het belangrijkste was echter de beurs, waaraan 150 standhouders deelnamen. Een divers gezelschap presenteerde zich. Van orgelbouwers tot zendingsorganisaties, die zich inzetten voor Rwanda. Organisator Marco van der Wetering toonde zich aan het begin van de tweede dag (de beurs begon op vrijdag 20 maart) enthousiast: “De bezoekersaantallen liggen hoger dan we hadden verwacht. We denken dat we de verwachte vijfduizend zeker gaan halen. Iedereen is enthousiast: de bezoekers, de standhouders.”

Bij het verlaten van de hal hebben de organisatoren alvast een poster opgehangen waarop de bezoekers worden uitgenodigd voor de beurs ‘Kerk en Gemeente 2010′. Ook weer in maart.

Foto’s van boven naar beneden:

Donner (r.) tijdens ‘Knevel en Van den Brink’

KRO’s Leo Feijen in gesprek meet journalist Joost Reijnders over diens verblijf in een klooster.

Kerkelijke kaarsen in alle soorten en maten.

Dsc01012_2

Dsc01017

Dsc01010

22 March 2009
By on 21:51
Mondig

Er was een tijd waarin de gewone burger weinig te zeggen had. Het woord was vooral aan de mensen, die hadden doorgeleerd. De notabelen, zoals de dominee, de notaris, de schoolmeester, de dokter, de politicus. Die wisten was er in de wereld aan de hand was. Naar gewone mensen werd over het algemeen niet geluisterd. En als ze wat te zeggen hadden, dan werd hen meestal duidelijk gemaakt dat ze maar beter hun mond konden houden.

Het wel en wee van het leven was in goede handen bij de notabelen. Zij wisten wat het beste voor de samenleving was. Dat vertaalde zich ook in politieke stromingen en bijpassende bewegingen. Elk had zijn eigen zuil en die werd aangevoerd door een gezaghebbend iemand. Zoals bijvoorbeeld de protestants-christelijke zuil, die onder leiding stond van Colijn. Toen de Tweede Wereldoorlog op uitbreken stond zei minister-president Colijn nog geruststellend tegen zijn onderdanen: Gaat u maar rustig slapen. En ze geloofden het ook nog.

Er is veel veranderd. De notabelen zijn er niet meer. De zuilen zijn gaandeweg ook afgebroken. Gewone mensen lieten zich steeds minder de mond snoeren. De mondigheid nam drastisch toe. Dat had verschillende gevolgen. In de politiek was de gang van zaken minder voorspelbaar dan voorheen. Er kon zomaar een beweging van andersdenkenden opstaan, die het roer van de partij drastisch omgooide. Zie de beweging ‘Tien over rood’ in de PvdA, met onder andere André van der Louw.

Een ook in de kerken nam de mondigheid toe. Veel gelovigen vonden het wel best wat de dominee of pastoor zei. Ze kwamen gewoon niet meer en zochten geestverwanten, om samen met hen het geloof op een andere manier te verwoorden en in daden om te zetten.

Door de komst van internet zette die ontwikkeling nog verder door. Werd de mondigheid tot dan toe in de vorm van debatten of een gesprek in aanwezigheid van de verschillende opponenten gevoerd, door internet kon het opeens min of meer anoniem. Je kunt van alles roepen, want degene die de boodschap krijgt toegespeeld zie je toch niet.

En dit leidt soms tot stuitende uitingen van mondigheid. Onder het motto ‘Ik heb gelijk’ wordt er maar van alles beweerd. Dat de geuite opvatting er ook wel eens naast zou kunnen zitten wordt niet geaccepteerd. Het eigen gelijk viert hoogtij.

Mondig
En dat is niet goed, deze vorm van mondigheid. Als we niet meer bereid zijn om naar de ander te luisteren, gaan we een verkeerde weg op. Als we niet bereid zijn om standpunten niet alleen maar via internet te verbreiden, maar ze ook via een gewoon gesprek met anderen te delen, dan gaat het fout. Dan kunnen er rare dingen gebeuren.

Mondigheid leeft bij de gratie van het over en weer. Dan isn het vruchtbaar. Dan komen we verder met elkaar. Als mondigheid de ander monddood maakt dan is dat fout. Dan is het beter om te zeggen: houd alsjeblieft je mond.


By on 14:14
‘Zeker in de server blijven hangen’

Het gebeurt bijna nooit.
Ik bedoel dat de column van Daniel Lohues er niet is.
Ruim vijf jaar al stuurt hij trouw zijn stukje op vrijdagmiddag.
Uiterlijk half vijf is het er altijd.
Maar afgelopen vrijdag niet.
Ik bellen.
Want een zaterdagpagina Mensen en Meningen zonder het stuk van Daniel kan echt niet.
Hij neemt op.
Ik hoor een cafe-achtige achtergrond.
Waar is de column? vraag ik.
Die heb ik om half vier al gestuurd, is het antwoord.
Ik hoor een stukje half ingehouden verwensing.
Nou, dan pak ik een taxi en zoek een internetcafe.
De Drentse zanger zat op dat moment namelijk in Haarlem.
Om de cd van zijn nieuwe programma ‘Allennig 3′ op te nemen.
Geef me een half uur, zegt hij.
Doe maar rustig aan, zeg ik.
Binnen een half uur is het stukje er.
‘Zeker in de server blijven hangen’, luidt het begeleidende schrijven.
Dus toch Daniel zaterdag in de krant.

Een bijzonder goede scribent en een bijzonder aardig mens.
Schrijven wil hij altijd.
Toen we in het begin eens een vakantie in de verschijning van de columns inbouwden zat hij met de handen in het haar.
Schrijven doet hij overal.
Zijn columns komen van all over the world.
Uit Erica, zijn woonplaats, maar ook uit bijvoorbeeld Seattle in de VS.

En uit San Francisco.
Op een van die vrijdagmiddagen was de column ook eens aan de late kant.
Ik bellen.
Een slaperige Daniel aan de lijn.
Hij zat in San Francisco na een lange treinreis door de VS.
Had zich door het tijdsverschil in de dag vergist.
De column was er vervolgens binnen een half uur.

Daniel Lohues kreeg in 2006 de Annie M.G. Schmidtprijs voor het beste theaterlied, getiteld ‘Annelie’.
En vorig jaar kreeg hij de Dagblad van het Noorden Prijs.

Daniel kan je raken.
En niet alleen met zijn theaterprogramma.
Ook in de persoonlijke relatie.
Tijdens de vrijdagmiddagcontacten – meestal via de mail – kwamen de ziekte en het overlijden van mijn vrouw ook geregeld ter sprake.
Hij was vol medeleven.
‘Ik steek direct n keersie veur joe aan’, zei hij dan.

Tijdens de uitvaartdienst hebben we een mooi lied uit ‘Allennig 2′ laten horen.
Hij vond het ‘in alle bescheidenheid een eer’ dat we dat deden.
Het lied gaat over de liefde.
Als die maar blijft winnen.
Daar gaat het om.
In het groot en het klein.
In Erica, Westerlee, Seattle, Gaza.

Winter1
En de liefde kan altijd winnen.
Die is onverslaanbaar.
Net als de loop van de seizoenen.
De winter bijvoorbeeld is niet doods en zonder leven.
Nee, de winter droomt alweer van nieuwe takken aan de bomen.

Bedankt Daniel.
Ga nog maar lang door met schrijven.
Op vrijdagmiddag houd ik de mailbox in de gaten.
En ik ga op 13 februari naar het theater in Delfzijl.
Om ‘Allennig 3′ te horen en te zien.

Website Daniel Lohues

24 January 2009
By on 11:53